Wat mag je doen als misdienaar?

04-06-2012 19:28

 Wat mag je doen als je misdienaar bent:

 

  1. Binnenkomen:

 

  • aanwezig zijn 15 minuten vóór de eucharistieviering
  • kruisteken maken – wijwatervat
  • groeten van priester, diaken, koster, ceremoniaris en medeacolieten
  • rustig worden
  • albe aandoen ( opgelet lang genoeg) en acolietenkruisje
  • de teksten van de mis, moet je “een beetje” kennen (of blaadje meenemen)

 

  1. De voorbereiding:

 

In de kerk:

  • collecte mandjes klaarzetten
  • kaarsen aansteken + paaskaars ( hierbij hulp vragen
  • liedjes aanduiden (met de lintjes) in zangboek
  • mensen verwelkomen
  • zangboeken uitdelen

        Op de credenstafel:

  • lectionarium
  • altaarmissaal
  • hostieschaal (pateen)
  • kelk
  • kannetjes

        In de sacristie:

  • processiekaarsen aansteken
  • eventueel wierook klaarmaken
  •  
  1. Intrede:
  • priester uitnodigen wierook op te leggen
  • wieroker gaat vooraan + acoliet met schelpje
  • kandelaardragers
  • evangelieboek door diaken
  • priester
  • bel luiden
    • traag stappen, schrijden
    • stappen door middengang tot voor het altaar
    • priester in het midden, splitsen en buigen ( wie kaarsen draagt buigt niet)
    • kaarsen neerzetten naast evangelieboek
    • de acolieten gaan voor hun stoel staan, behalve wie het wierookvat draagt
    • wierookvat aanreiken aan de priester
    • na de bewieroking van het altaar, wierookvat terug aannemen en na een lichte buiging wierookvat weghangen en de andere misdienaars vervoegen.
    • “zitten” en “staan” zoals de meevierende geloofsgemeenschap en handen vouwen
    • zie blaadje voor vervolg van de mis

 

  1. Woorddienst:
  • Een acoliet neemt het lectionarium en geeft dit aan de lector.
  • Na de tweede lezing lectionarium van de lector aannemen en op de credenstafel leggen.
  • Indien wierook bij het evangelie: wierook laten opleggen door de priester.
  • Evangelielezing: rechtstaan twee acolieten plaatsen zich met een processiekaars naast het ambo, wieroker gaat mee naar de ambo.
  • 3 kruisjes maken.
  • Na het evangelie: alles op zijn plaats zetten en allen naar hun plaats.

 

        5. Tafeldienst:

 

Aanbrengen van de gaven: zelfs indien er toevallig slechts één acoliet zou zijn, worden alle gaven afzonderlijk naar het altaar gebracht, in die volgorde:

  • Altaarmissaal
  • Hostiescha(a)l(en)
  • Kelk
  • Kannetjes met wijn en water door één of twee acolieten ( met handvatjes naar diaken of priester)
  • Indien wierook: twee misdienaars, één met wierookvat en één met het schelpje. Wierook aanreiken aan de priester. Na het terug ontvangen van het wierookvat, lichte buiging maken en wegbrengen.
  • Na de collecte neemt een acoliet de collectemandjes aan en plaatst die op de trede voor het altaar.
  • Bij het aanheffen van de prefatie staat het volk recht, wij staan rond het altaar.

Opgelet: nooit passeren vóór de priester!

 

“Consecratie”

  • Bij het omhoog heffen (elevatio”) van Brood en Beker: één tik op de gong (gong onderaan “beroeren“ dit geeft een mooiere klank).
  • Samen buigen
  • Vredeswens ( doorgeven aan +/- 5 mensen)

Communiceren

  • Acolieten die het sacrament van het vormsel hebben ontvangen, kunnen communiceren “onder beide gedaanten”.Dit kan door de hostie in de kelk te dopen en dan te nuttigen.
  • Terwijl de communie aan de gelovigen wordt uitgereikt kunnen de acolieten het altaar “ontruimen”. Alles wordt terug op de credenstafel geplaatst.

Einde van de Misviering

  • Na de “zending en zegen” komen allen voor het altaar staan, buiging voor het altaar en gaan ingetogen naar de sacristie terug.
  • Opgelet: nooit passeren vóór de priester!
  • Alle acolieten helpen mee om alles terug naar de sacristie te brengen.

 

Veel succes iedereen!